Openbaarheid en vertrouwelijkheid Brzo-informatie

Als gevolg van het Verdrag van Aarhus (pdf, 72 kB) en hoofdstuk 19 van de Wet milieubeheer (Wm) is milieu-informatie, en daarmee ook informatie in het kader van het Brzo 1999 - zoals bestuurlijke inspectieprogramma's (BIP), inspectierapporten en veiligheidsrapporten (VR) - in beginsel openbaar. Bevatten de rapporten beveiligingsgegevens en/of bedrijfsgeheimen, dan kan op verzoek van het bedrijf een tweede tekst openbaar worden gemaakt. Zowel het Brzo 1999 als de Wet milieubeheer bevatten bijzondere bepalingen betreffende de toepassing van actieve en passieve openbaarmaking van milieu-informatie. Uit artikelen 16, 17 en 18 Brzo 1999 en 19.1a en 19.1b Wm volgt dat het bg Wabo geen plicht heeft actief of passief informatie te verstrekken tijdens de VR-beoordelingsperiode van 6 tot 9 maanden.

Veiligheidsrapport

Uit het Brzo 1999 vloeit voort dat een veiligheidsrapport (VR) ter inzage wordt gelegd, nadat het door de betrokken bevoegde gezagen is beoordeeld (artikelen 16, lid 1 en 18, lid 1, Brzo 1999). Een bedrijf kan op grond van artikel 19.3 Wm een verzoek tot indiening van een tweede tekst indienen. Het bg Wabo beoordeelt dit verzoek en geeft een beschikking af. Het bevoegd gezag mag van de bevoegdheid alleen gebruik maken als het gaat om beveiligingsgegevens en bedrijfsgeheimen. Gaat het om zaken die de veiligheid van de staat in gevaar kunnen brengen, dan legt de minister van VROM een tweede tekst voor. In artikel 19.4 en 19.5 Wm is de procedure voor goedkeuring van een tweede tekst beschreven. Alleen wanneer het bevoegd gezag Wabo het verzoek middels een beschikking honoreert, blijft het VR ook na de beoordelingsperiode vertrouwelijk en wordt alleen de tweede tekst van het VR openbaar gemaakt.

Voor wat betreft passieve openbaarheid, oftewel het openbaar maken van gegevens op verzoek van een burger/derde, verschaft de Wm informatie in hoofdstuk 19. In artikel 19.1a Wm is bepaald wat milieu-informatie is. Veiligheidsrapporten vallen ook onder die definitie.
Uit artikel 19.1b Wm kan worden afgeleid, dat door een burger of derde gevraagde informatie pas wordt verstrekt, nadat de beroepstermijn tegen een beschikking, die met de openbare uniforme voorbereidingsprocedure (afdeling 3.4, Awb) is voorbereid, is verstreken. Ook voor de passieve informatieverstrekking geldt dat deze pas plaatsvindt nadat de beroepstermijn is verstreken, dus niet tijdens beoordelingsfase van 6 (of 9) maanden.

Inspectierapport

Het Brzo 1999 bevat geen bijzondere bepalingen over de openbaarheid van inspectierapporten. Inspectierapporten vallen onder de definitie van milieu-informatie, die in artikel 19.1a Wm is opgenomen. Voor de openbaarheid van die rapporten geldt hetgeen hiervoor over hoofdstuk 19 van de Wm is beschreven.

Vanaf 31 mei 2015 wordt de De Seveso III richtlijn van kracht. Nieuw hierin is de verplichte bekendmaking van wanneer de BRZO inspecties zijn uitgevoerd. Er staan meer eisen aan openbaarheid, maar over het onderwerp inspecties beperkt deze zich tot het bekend maken van de datum van de laatste inspectie.

Het verdrag van Aarhus zegt dat het informeren van het publiek ‘transparant, begrijpelijk en toegankelijk’ moet zijn. Daarnaast zijn de bepalingen uit artikel 8 en 10 in de Wet openbaarheid bestuur (Wob) van toepassing op de actieve openbaarmaking van informatie.

Uit de Wob volgt dat bedrijven moeten weten welke informatie over inspecties bij hen openbaar gemaakt gaan worden. Samen met het BRZO-inspectierapport ontvangt het geïnspecteerde bedrijf een brief waarin de openbaarmaking van de samenvatting wordt aangekondigd. In de WOB staan de beperkingen voor publiceren. De basis is een goede belangenafweging wat in de praktijk neerkomt op terughoudendheid in informatie over de volgende onderwerpen: - Privacy (geen namen, adressen, woonplaatsen) - Bedrijfsgeheimen (specifieke apparatuur, recepten) - Concurrentie gevoelige gegevens (klanten, omzet)

Het Wabo bevoegd gezag, de I-SZW en de Veiligheidsregio zijn vertegenwoordigd in de landelijke BRZO+ organisatie. Deze toezicht houdende partijen willen toezichtinformatie transparant, begrijpelijk en toegankelijk maken. Daarom is opdracht gegeven aan de uitvoerders om de samenvattingen van BRZO inspectieverslagen voor publicatie geschikt en openbaar te maken op de site www.brzoplus.nl.