Initiële inspectie

Tijdens de eerste, initiële inspectie bij een VR- of PBZO-bedrijf wordt met behulp van Module 1.2 een globaal beeld gevormd van de verschillende van belang zijnde aspecten. Het kernteam van inspecteurs houdt interviews en leest documenten en procedures om het gevoerde veiligheidsbeleid en het bijbehorende systeem globaal te toetsen. Ook kan worden bekeken hoe bepaalde VBS-elementen doorwerken in de praktijk. Zo wordt via de inspectie een beeld gevormd van de typische risico’s die met de bedrijfsactiviteiten samenhangen.

Na afloop van de inspectie hebben de overheidsdiensten op hoofdlijnen een beeld van de risico’s en weet men of in het bedrijf een passend (gedocumenteerd en geschikt) VMS aanwezig is om zware ongevallen te voorkomen, dan wel de gevolgen ervan te beperken. Het gaat er daarbij vooral om of het bedrijf een goede structuur heeft, er wordt minder gekeken naar de echte uitwerking in de praktijk. De initiële inspectie is daarmee vooral een systeemgerichte benadering.

De resultaten van de inspectie worden in het inspectierapport vastgelegd en leiden eventueel tot handhavingsactiviteiten. De sterke en zwakke punten van het bedrijf die op deze manier worden verzameld, geven richting aan de invulling van de vervolginspecties door middel van het opstellen of aanpassen van het MIP. Verder kan de initiële inspectie leiden tot mogelijke aanpassingen van de milieuvergunning en afdekking van de restrisico’s. De restrisico’s kunnen worden afgedekt doordat de overheid een beschikking aanwijzing bedrijfsbrandweer afgeeft en/of een rampbestrijdingsplan voor het bedrijf opstelt.

Opmerkingen:

  1. Het is denkbaar dat uit de eerste inspectie zoveel knelpunten naar voren komen dat het kernteam van inspecteurs het noodzakelijk vindt om een tussenstap – in de vorm van een vervolginspectie – in te lassen.
  2. Wanneer een VR-bedrijf voor de tweede of derde keer een VR opstelt, is bij de inspecteurs al uit voorgaande inspecties informatie beschikbaar over het bedrijf. Het is afhankelijk van de kwaliteit van deze informatie en van de in het VR opgenomen veranderingen of een initiële inspectie dan nodig is. Mogelijk kan met de reeds beschikbare informatie worden volstaan. Het kernteam van inspecteurs beslist op grond van de behoeften van de overheid over de daadwerkelijke invulling van de eerste inspectie van een nieuwe cyclus.
  3. Een sterk gewijzigd VMS kan ook een reden zijn om (eerder) een initiële inspectie uit te voeren.
  4. Ook bij PBZO-bedrijven kan het VMS door middel van een initiële inspectie worden geïnspecteerd. De cyclus van initiële inspecties en vervolginspecties is voor zowel VR- als PBZO-plichtige bedrijven gelijk.