Product: Meer kwaliteit van overheden bij BRZO-toezicht

Vraagstuk
Uit de evaluatie-onderzoeken van 2004 werd duidelijk dat overheden moeite hebben met het realiseren van adequaat toezicht op bedrijven. Het uitoefenen en coördineren van het veiligheidstoezicht vereist kennis, ervaring en bestuurskracht op een voldoende kwalitatief niveau. De indruk bestond dat met name kleinere gemeenten die relatief weinig BRZO-bedrijven tot hun ‘klantenkring’ kunnen rekenen, niet op voldoende niveau kwalitatief konden presteren. Was er wel sprake van voldoende ‘kritieke massa’?

Product: Maatlat kwaliteit overheidsorganisaties

Probleem was dat dit vermoeden – want veel meer dan dat was het toen nog niet – niet kon worden aangetoond met heldere cijfers. Er moest een betrouwbaar en navolgbaar instrument komen dat kon meten of een overheidsorganisatie – gemeente, provincie, arbeidsinspectie, brandweer – op grond van verschillende criteria wel voldoende kritieke massa heeft om het BRZO-toezicht adequaat uit te oefenen. Hiervoor is door het verbeterprogramma BeteRZO de Maatlat Kwaliteit Overheidsorganisaties ontworpen. Door toepassing van de Maatlat kunnen uitvoerende organisaties beoordelen of ze aan de eisen voldoen om het BRZO-toezicht goed uit te voeren. Het gaat hier om minimum-eisen die aan een overheidsorganisatie gesteld worden, niet om een ideaalsituatie.
Centraal in de Maatlat staat de kennis, d.w.z. kwaliteiten die ook geborgd zijn in de organisatie, in relatie met het aantal medewerkers dat nodig is om BRZO-taken goed uit te kunnen voeren. Dit bepaalt de ‘kritieke massa’ (ofwel: een minimumniveau van aantallen mensen met een bepaalde expertise om het BRZO te kunnen uitvoeren). Naast kennis (deskundigheid) en organisatorische borging meet de Maatlat ook externe factoren: het aantal en soort BRZO-bedrijven in het ambtsgebied van de betreffende overheidsinstantie.

Peiling
De Maatlat is in de winter en het voorjaar van 2006 toegepast in een peiling bij nagenoeg alle overheidsinstanties. Ze hebben zelf gemeten of ze het BRZO adequaat uitvoeren. De uitkomsten bevestigen het vermoeden dat er nogal wat overheden zijn met onvoldoende kritieke massa om het BRZO goed uit te voeren. Een groot deel van de gemeenten en een klein deel van de provincies, plus een groot deel van de regionale brandweren, blijken bij toepassing van de Maatlat te weinig bedrijven in hun regio te hebben om aan de kwaliteitseisen van de Maatlat te kunnen voldoen. Dat is een afbreukrisico voor de kwaliteit van het veiligheidstoezicht. Dit probleem speelt aanzienlijk minder of helemaal niet in de regio’s waar grote concentraties BRZO-bedrijven zijn gevestigd zoals Zeeland, Rijnmond, Delfzijl en Zuid-Limburg. Overigens blijkt de Arbeidsinspectie, mede dankzij haar landelijke organisatiestructuur, aan alle eisen van de Maatlat te voldoen.

Follow-up Maatlat
Gemeenten, provincies en regionale brandweren waar de kritieke massa ontbreekt zijn op zoek gegaan naar oplossingen voor dit vraagstuk. De aanpak verschilt: realiseren of versterken van de regionale samenwerking, inschakeling kernregio en inschakeling DCMR-steunpunt.

Zie hiervoor ook het interview met projectleider Hans Goslinga en de aparte pagina over de Maatlat. Ook kunt u de Factsheet Maatlat (pdf, 70 kB) downloaden.